Video mapping: geef de moderne stad zijn spektakel terug

Hoewel de techniek al decennia bestaat is video mapping, ook wel projection mapping genoemd, de laatste jaren aan een stille opmars begonnen. Video mapping maakt het mogelijk om op elk object of gebouw te projecteren, ongeacht de vorm. Het is een techniek waarbij projectie wordt ingezet om beelden op multi-dimensionale oppervlakken en objecten te genereren. Of het nu sculpturen, gebouwen of (kunst)objecten betreft, álles kan tot leven worden gebracht!

Softwarematig worden de coördinaten van het projectieoppervlak met grote nauwkeurigheid in kaart gebracht. De projectie kan daardoor naadloos aansluiten bij de vorm en contouren van het projectieoppervlak. Ook is het mogelijk om bepaalde elementen te maskeren (‘masken’), zodat bijvoorbeeld diepteverschillen, ornamenten of façades niet meer door het menselijke oog herkend worden.

Dit stelt ontwerpers en kunstenaars tevens in staat om te spelen met de fysieke eigenschappen van het oppervlak. De specifieke vormen en contouren van een gebouw of object kunnen als vertrekpunt dienen voor de content die hierop getoond wordt. Van een leeg ‘canvas’ is daarom nooit sprake. Ramen worden bijvoorbeeld ogen, of tonen de illusie van over de hal sluipende gedaantes. Een goed voorbeeld hiervan is zichtbaar in de projectie uit 2013 op het Sydney Opera House. Op de kenmerkende architectuur verschijnt op exact de juiste plaats het oog van een kameleon, terwijl het dak – de schubbenhuid – tegelijkertijd van kleur verandert (10:48).

Projection mapping wordt vaak toegepast door kunstenaars en in de evenementenbranche. Zo is het wereldwijde succes van Roger Waters’ grootschalige The Wall Live-tournees voor een groot deel toe te schrijven aan de mapping-projecties op de muur. Ook bedrijven en steden die zichzelf op een unieke manier willen profileren maken gebruik van de techniek.

Mapping door steden is in dat opzicht extra interessant, door de inherente toevoeging van een extra element: de publieke ruimte. In het oog springende voorbeelden zijn het Fête des Lumières – waarbij Lyons stadsarchitectuur en zelfs de ondergrondse in kleur en licht worden gehesen – en de jaarlijks terugkerende projecties op het Sydney Opera House.

In deze context heeft video mapping een sterk performatief karakter: er wordt bewust een ingreep in de openbare ruimte gedaan. Plaats krijgt een andere betekenis en wordt daardoor anders ervaren. Vaak wordt gekozen voor opvallende plaatsen of knooppunten waar veel mensen langskomen. Juist op die plaatsen worden gebouwen losgemaakt van hun sociale en/of historische praktijk. Gebouwen worden letterlijk gedeconstrueerd en opnieuw opgebouwd, geladen met nieuwe betekenissen. De stedelijke inrichting wordt daarmee (tijdelijk) naar de hand gezet.

In de voorbeelden uit Sydney en Lyon is een duidelijke ideologische ondertoon te vinden. Het Sydney Opera House is van nature al een symbolische plaats. Het is een locatie waar verschillende kunstvormen – architectuur, muziek, mode en theater – elkaar ontmoeten. Een bolwerk van creativiteit. Door op dergelijke, voyante plaatsen projection mapping toe te passen ontstaat het beeld dat er in deze stad veel mogelijk is aan creativiteit en technologische innovatie. Mapping wordt daarmee tevens een instrument voor citymarketing.

Hoe is deze profilering als moderne, inventieve stad cultuurhistorisch te duiden? In de late negentiende en vroege twintigste eeuw is de ervaring van moderniteit opgekomen in de publieke ruimte van de stad. Zo werd de uitvinding van het elektrisch licht dankbaar toegepast in de etalages en arcades van winkels en konden burgers zich plotseling verplaatsen door technisch geavanceerd openbaar vervoer. Walter Benjamins flaneur was overweldigd door de vele stimuli en impressies die de moderne stad te bieden had. Ontleend aan Le peintre de la vie moderne (1863) van Charles Baudelaire is de flaneur het archetype van een dromer: een stedelijke slenteraar, altijd openstaand voor de nieuwe mogelijkheden die de stad kan brengen, gepassioneerd aanschouwend, thuis in de anonimiteit van een grote massa.

In de postmoderne tijd beschikt vrijwel elk westerse huishouden over de nieuwste gadgets. Reclames zijn alom aanwezig, smartphones gaan voortdurend af. Deze eindeloze blootstelling aan stimuli heeft ervoor gezorgd dat zij hun effect verliezen. Eenmaal immuun geworden maken ook de vele winkels, mensen en impressies geen indruk meer op de moderne mens. De moderne mens is blasé, niet langer overweldigd door de stedelijke ervaring.

Video mapping is een spatio-temporele manier om de dynamiek en het ritme terug te brengen in de postmoderne stad. Ook video mapping zelf is een typisch postmodern fenomeen met grensvervagingen tussen kunst, beeld en geluid, techniek, architectuur en design, alsmede een sterke nadruk op meervoudigheid (van betekenis en content, functie en ideologieën). Gebouwen transformeren van formeel naar informeel en van economisch naar creatief. De sociale functie vervalt en maakt plaats voor een esthetische functie. De ruimte wordt een cultureel product.

Opvallend is dat de content vaak aansluit bij een hedendaagse of nostalgische beeldentaal van games, fantasierijke animatiefilms en andere vrijetijdsbestedingen. Zo worden op het Sydney Opera House flipperkastanimaties getoond, alsmede vele referenties naar koptelefoons, platenspelers, videoclips en cassettebandjes. Enerzijds zijn deze aspecten te lezen als een verwijzing naar de inherente functie van het gebouw, anderzijds is de beeldentaal herkenbaar en sluit deze aan bij de interesses van het stedelijke publiek. Even opmerkelijk zijn de vele toespelingen op de neonletters uit het straatbeeld, reclameborden, Las Vegas en kermisattracties. In een ander schouwspel loopt een gebouw vol met water, waarna er Pixar-achtige animaties – Finding Nemo (2003) – van vissen door het gebouw zwemmen.

Het effect van projection mapping wordt vernuftig bewerkstelligt. De projecties hebben een hoge herkenbaarheid voor de toeschouwer. Evenwel is er het element van verrassing door de stedelijke situering, het onverwachte projectieoppervlak en de optische illusies. Hoewel vele Smart TV’s tegenwoordig over 3D-functionaliteiten beschikken, verwacht een nietsvermoedende shopper of werknemer op de weg naar huis geen levensechte, meerdimensionale illusies op een gebouw. Er ontstaat daardoor een enerverend spel tussen projectie en werkelijkheid. Zo is in onderstaand voorbeeld te zien hoe vlinders voor het gebouw lijken te fladderen. De knipoog naar het elektrische gevellicht illustreert bovendien dat de makers zich bewust zijn van het cultuurhistorische verloop der moderniteit. Eens te meer vervangt een nieuwe medium het oude.

Zoals gezegd is video mapping te beschouwen als een spatio-temporele performance in het heden; het heeft altijd betrekking op de stad van het hier en nu. Daarmee is echter niet gezegd dat de receptie van de stad er niet blijvend door veranderd kan worden. De invloedrijke wetenschapper en filosoof Michel de Certeau stelde in ‘Walking in the City’ uit The Practice of Everyday Life (1980) al dat dit het geval kan zijn als een stad een modernere uitstraling krijgt door technologische ontwikkeling. Die uitstraling kan bovendien doorsijpelen naar het karakter van zijn inwoners en bezoekers.

Juist het diepgewortelde contrast tussen herkenbaarheid en verrassing, met daarbij de sterk aanwezige technologische associaties, maken projection mapping zo’n effectieve kunstvorm. Hoewel mogelijk sterk ideologisch geladen overheerst in de toe-eigening van de stedelijke ruimte vooral de artisticiteit en de uitstraling van een ongekende creativiteit. De stad wordt getransformeerd tot kunstwerk en brengt opnieuw een anonieme massa samen, die vanuit verwondering een kortstondig escapisme ervaart bij het aanschouwen van de projectieperformance. Het spectaculaire dat de laat-kapitalistische stad heeft verloren wordt daarmee in ere hersteld.

 

Stijn Geutjes
stijn@onlinegalerij.nl